THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Stoornissen van de aminozuurstofwisseling

Aminozuren, de bouwstenen van eiwitten, vervullen veel functies in het lichaam. Erfelijke stoornissen van de aminozuurstofwisseling kunnen het gevolg zijn van afwijkingen in het afbraakproces van aminozuren of van het onvermogen van het lichaam om aminozuren naar de cellen te transporteren. Omdat deze stoornissen al op jonge leeftijd symptomen veroorzaken, worden pasgeborenen standaard gescreend op een aantal stoornissen die vaak voorkomen. In Nederland worden pasgeborenen tussen de vierde en zevende levensdag door middel van de ‘hielprik' op fenylketonurie gescreend.

Fenylketonurie

Fenylketonurie (ook wel aangeduid met ‘PKU', naar het Engelse phenylketonuria) is een stoornis waarbij het aminozuur fenylalanine zich ophoopt. Dit aminozuur kan niet door het lichaam worden aangemaakt, maar is in voedingsmiddelen aanwezig. Een overmaat aan fenylalanine wordt normaal gesproken omgezet in tyrosine, een ander aminozuur, en uit het lichaam verwijderd. Zonder het enzym dat fenylalanine omzet in tyrosine hoopt zich fenylalanine in het bloed op. Afbraakproducten van fenylalanine zijn toxisch voor de hersenen en veroorzaken geestelijke ontwikkelingsachterstand.

Fenylketonurie komt in alle bevolkingsgroepen voor. Als fenylketonurie in de familie voorkomt en er is DNA beschikbaar van een familielid met deze ziekte, kan een vruchtwaterpunctie of een vlokkentest met DNA-analyse worden uitgevoerd om te bepalen of een ongeboren kind de stoornis heeft.

Bij de meeste pasgeborenen komt de stoornis tijdens neonatale screening aan het licht. Bij pasgeborenen met fenylketonurie treden zelden direct symptomen op, hoewel een zuigeling met deze aandoening soms slaperig is of slecht drinkt. Zonder behandeling ontstaat bij zuigelingen met deze ziekte in de eerste levensjaren geestelijke ontwikkelingsachterstand, die uiteindelijk ernstig wordt. Andere symptomen zijn onder meer epileptische aanvallen, misselijkheid en braken, eczeem, lichtere huid en lichter haar dan familieleden, agressief of zelfverwondend (automutilerend) gedrag, hyperactiviteit en soms psychiatrische symptomen. Kinderen die niet worden behandeld, hebben vaak een ‘muisachtige' lichaams- en urinegeur als gevolg van een bijproduct van fenylalanine (fenylazijnzuur) in urine en zweet.

Om geestelijke ontwikkelingsachterstand te voorkomen, moet vanaf de eerste levensweken de inname van fenylalanine worden beperkt (maar niet volledig worden geëlimineerd omdat mensen een kleine hoeveelheid nodig hebben om te kunnen leven). Omdat alle natuurlijke eiwitbronnen voor kinderen met fenylketonurie te veel fenylalanine bevatten, zijn vlees, melk en andere algemene voedingsmiddelen die eiwit bevatten, voor deze kinderen niet toegestaan. In plaats daarvan moeten ze diverse speciaal geproduceerde fenylalaninevrije voedingsmiddelen eten. Natuurlijke voedingsmiddelen met een lage eiwitconcentratie, zoals fruit, groente en beperkte hoeveelheden van bepaalde graanproducten, kunnen wel worden gegeten.

Als vroeg wordt gestart met een fenylalaninearm dieet en dit goed wordt volgehouden, is een normale ontwikkeling mogelijk. Als het dieet echter niet zeer strikt wordt volgehouden, kunnen leerproblemen ontstaan. Als pas op twee- of driejarige leeftijd met het dieet wordt begonnen, kunnen extreme hyperactiviteit en epileptische aanvallen worden voorkomen en kan het uiteindelijke IQ van het kind hoger worden, maar een geestelijke ontwikkelingsachterstand wordt hiermee niet ongedaan gemaakt. Uit recent onderzoek blijkt dat sommige volwassenen met fenylketonurie (geboren voordat pasgeborenen werden gescreend) en een geestelijke ontwikkelingsachterstand mogelijk beter gaan functioneren wanneer ze het PKU-dieet volgen.

Een fenylalaninearm dieet moet levenslang worden volgehouden, anders is het mogelijk dat de intelligentie afneemt en er neurologische en psychiatrische problemen ontstaan.

Maple syrup urine disease

Kinderen met maple syrup urine disease (MSUD) kunnen bepaalde aminozuren niet omzetten. Bijproducten van deze aminozuren hopen zich op en veroorzaken neurologische veranderingen, waaronder epileptische aanvallen en geestelijke ontwikkelingsachterstand. Deze bijproducten zijn er ook de oorzaak van dat lichaamsvloeistoffen als urine en zweet naar ahornsiroop (Engels: maple syrup) ruiken. In de Verenigde Staten komt de ziekte het meeste voor bij Mennonieten-families.

Maple syrup urine disease kent veel vormen en de ernst van de symptomen varieert. Bij de ernstigste vorm ontstaan bij zuigelingen in de eerste levensweken neurologische afwijkingen, waaronder epileptische aanvallen en coma. Deze kinderen kunnen binnen enkele dagen tot weken overlijden. Bij de lichtere vormen maken de kinderen in eerste instantie een normale indruk, maar vooral wanneer het lichaam wordt belast (zoals bij een infectie of operatie), krijgen ze last van braken, duizeligheid en verwardheid, gaan ze naar ahornsiroop ruiken en kunnen ze in coma raken.

In sommige Amerikaanse staten worden pasgeborenen standaard door middel van bloedonderzoek op deze ziekte gescreend.

Zuigelingen met een ernstige vorm van de ziekte worden behandeld met dialyse. (see Dialyse)

Sommige kinderen met een lichte vorm van de ziekte zijn gebaat bij injecties met vitamine B1 (thiamine). Nadat de ziekte onder controle is gebracht, moeten deze kinderen altijd een speciaal, kunstmatig dieet volgen dat arm is aan de specifieke aminozuren waarvoor het betreffende enzym ontbreekt.

Homocystinurie

Kinderen met homocystinurie kunnen het aminozuur homocysteïne niet omzetten, waardoor dit zich samen met bepaalde toxische afbraakproducten ophoopt en diverse symptomen ontstaan. De symptomen kunnen licht of ernstig zijn, afhankelijk van het specifieke enzymdefect.

Zuigelingen met deze stoornis zijn bij de geboorte normaal. De eerste symptomen, zoals verschuiving van de ooglens, waardoor het gezichtsvermogen ernstig vermindert, doen zich meestal voor vanaf de leeftijd van 3 jaar. De meeste kinderen hebben skeletafwijkingen, waaronder osteoporose. Het kind is gewoonlijk lang en mager met een gekromde wervelkolom, langgerekte ledematen en lange, spinachtige vingers. Psychiatrische stoornissen, gedragsstoornissen en geestelijke ontwikkelingsachterstand komen algemeen voor. Bij homocystinurie bestaat een groot risico van trombose, met als gevolg CVA (cerebrovasculair accident, ‘beroerte'), hoge bloeddruk en veel andere ernstige problemen.

De diagnose ‘homocystinurie' wordt bevestigd door een onderzoek waarbij de enzymfunctie in lever- of huidcellen wordt bepaald.

Bij sommige kinderen met homocystinurie verbetert de toestand wanneer vitamine B6 (pyridoxine) of vitamine B12 (cobalamine) wordt toegediend.

Tyrosinemie

Kinderen met tyrosinemie kunnen het aminozuur tyrosine niet volledig omzetten. Bijproducten van dit aminozuur hopen zich op, waardoor diverse symptomen ontstaan.

Er zijn twee hoofdvormen van tyrosinemie: type I en type II. Tyrosinemie type I komt het vaakst voor bij kinderen van Frans-Canadese of Scandinavische afkomst. Kinderen met deze aandoening worden gewoonlijk in het eerste levensjaar ziek met functiestoornissen van de lever, nieren en zenuwen, met als gevolg prikkelbaarheid, rachitis (Engelse ziekte) of zelfs leverfalen en overlijden. Tyrosine in de voeding beperken heeft weinig zin. Kinderen met tyrosinemie type I zijn gebaat bij het experimentele geneesmiddel NTBC, dat de aanmaak van toxische stofwisselingsproducten blokkeert. Wanneer NTBC bij kinderen met tyrosinemie type I niet aanslaat, is een levertransplantatie nodig.

Tyrosinemie type II komt minder vaak voor. Kinderen met deze aandoening hebben soms een geestelijke ontwikkelingsachterstand en bij hen ontstaan regelmatig zweren op de huid en de ogen. Anders dan bij tyrosinemie type I kan beperking van tyrosine in de voeding voorkomen dat er problemen ontstaan.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Stoornissen van de koolhydraatstofwisseling

Next: Stoornissen van de vetstofwisseling

Figures
Tables
Disclaimer