THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Kamerfibrilleren

Kamerfibrilleren is een potentieel dodelijke aandoening waarbij een groot aantal chaotische elektrische prikkels leidt tot een ongecoördineerde reeks zeer snelle en inefficiënte samentrekkingen van de kamers.

Bij kamerfibrilleren trillen de kamers alleen maar in plaats van zich op een gecoördineerde wijze samen te trekken. Doordat er geen bloed uit het hart wordt gepompt, is kamerfibrilleren een vorm van hartstilstand. Als er niet onmiddellijk wordt ingegrepen, zal de patiënt overlijden.

De meest voorkomende oorzaak van kamerfibrilleren is onvoldoende bloedtoevoer naar de hartspier als gevolg van coronaire hartziekte, zoals bij een hartinfarct. Andere mogelijke oorzaken zijn shock (zeer lage bloeddruk) (Shock), mogelijk als gevolg van coronaire hartziekte of andere aandoeningen, een elektrische schok, verdrinking, een zeer lage kaliumspiegel in het bloed (hypokaliëmie) en geneesmiddelen die de geleiding van elektrische prikkels door het hart beïnvloeden (see Prognose en behandeling).

Symptomen en diagnose

Een patiënt met kamerfibrilleren verliest binnen enkele seconden het bewustzijn. Als er niet wordt ingegrepen, treden vaak epileptische aanvallen op en ontstaat er binnen ongeveer 5 minuten onherstelbare hersenbeschadiging doordat de hersenen geen zuurstof meer krijgen. De patiënt overlijdt binnen korte tijd.

De diagnose ‘hartstilstand' wordt gesteld wanneer iemand plotseling in elkaar zakt, doodsbleek wordt en sterk verwijde pupillen heeft en er geen pols, hartslag of bloeddruk meer waarneembaar is. De diagnose ‘kamerfibrilleren' als oorzaak van een hartstilstand wordt gesteld met behulp van elektrocardiografie (ECG).

Behandeling

Bij kamerfibrilleren is er sprake van een extreme noodsituatie. Zo spoedig mogelijk (binnen enkele minuten) moet worden begonnen met cardiopulmonale reanimatie (reanimeren: mond-op-mondbeademing en hartmassage). Daarna moet defibrillatie (het toedienen van een elektrische schok op de borstkas) worden toegepast zodra een defibrillator beschikbaar is. Vervolgens kunnen dan antiaritmische geneesmiddelen worden toegediend om het normale hartritme te handhaven.

Wanneer kamerfibrilleren binnen enkele uren na een hartinfarct optreedt bij een patiënt die niet in shocktoestand verkeert en niet aan hartfalen lijdt, wordt in 95% van de gevallen door onmiddellijke defibrillatie het normale hartritme hersteld en is de prognose goed. Shock en hartfalen duiden op ernstige beschadiging van de kamers. In dat geval heeft zelfs onmiddellijke defibrillatie slechts bij 30% van de patiënten resultaat en overlijdt 70% van de gereanimeerde patiënten alsnog zonder dat de normale hartfunctie wordt hersteld.

Patiënten die met succes worden gereanimeerd bij kamerfibrilleren en de aanval overleven, hebben een verhoogd risico van een herhaalde aanval. Als kamerfibrilleren wordt veroorzaakt door een aandoening die te verhelpen is, wordt deze behandeld. Zo niet, dan worden geneesmiddelen voorgeschreven om herhaling te voorkomen of wordt een defibrillator geïmplanteerd die het probleem door middel van een elektrische schok kan corrigeren als het zich opnieuw voordoet.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Ventriculaire tachycardie

Next: Sinusknoopdisfunctie

Figures
Tables
Disclaimer