THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Obstructie van de darm

Een obstructie van de darm is een afsluiting die de passage van de darminhoud volledig stopt of ernstig belemmert.

Een afsluiting kan op elke willekeurige plaats in de dunne of dikke darm ontstaan. Het deel van de darm vóór de afsluiting blijft normaal functioneren. De darm zwelt op doordat deze zich vult met voedsel, vocht, verteringssappen en gas. Het slijmvlies van de darm zwelt op en raakt ontstoken. Als dit niet wordt behandeld, kan een perforatie optreden, waardoor de darminhoud weglekt en ontsteking en infectie van de buikholte ontstaan.

Bij pasgeborenen en jonge kinderen is een darmafsluiting meestal het gevolg van een aangeboren afwijking, harde darminhoud (meconium) of verdraaiing van een darmlis (volvulus).

Bij volwassenen kan een afsluiting van het eerste deel van de dunne darm (twaalfvingerige darm) worden veroorzaakt door kanker van de alvleesklier, littekenweefsel van een ulcus, de effecten van een eerdere operatie, de ziekte van Crohn of adhesie waarbij een vezelige band van bindweefsel de darm omklemt. Een afsluiting kan ook optreden wanneer een deel van de darm via een abnormale opening (hernia) uitstulpt, bijvoorbeeld via een zwakke plek in de spierlaag van de buikholte, en bekneld raakt. In zeldzame gevallen kan de darm afgesloten raken door galstenen, onverteerd voedsel of een kluwen parasitaire wormen.

Een afsluiting van de dikke darm wordt vaak veroorzaakt door kanker. Een afsluiting komt ook vaak voor bij patiënten die eerder een buikoperatie hebben ondergaan (ten gevolge van littekenvorming en bindweefselbanden van littekenweefsel (adhesies)). Ook verharde ontlasting (fecale indikking) kan een afsluiting veroorzaken.

Als de afsluiting de bloedtoevoer naar de darm afsnijdt, spreekt men van ‘strangulatie'. Strangulatie komt voor bij bijna 25% van de patiënten met een afsluiting van de dunne darm. Meestal is strangulatie een gevolg van beklemming van een deel van de darm in een abnormale opening (strangulatio herniosus), van verdraaiing van een darmlis (volvulus) of instulping van een darmlis in een erop volgende darmlis (intussusceptie). Binnen minder dan zes uur kan gangreen ontstaan. Hierbij sterft de darmwand af waardoor meestal een perforatie ontstaat, wat vervolgens kan leiden tot buikvliesontsteking (peritonitis) en infectie. Zonder behandeling is deze situatie fataal.

Symptomen en diagnose

Darmobstructie veroorzaakt meestal buikkramp, die gepaard gaat met een opgeblazen gevoel en gebrek aan eetlust (anorexie). De pijn kan ernstig en continu worden. Braken komt algemeen voor en treedt bij een afsluiting van de dunne darm eerder op dan wanneer de dikke darm afgesloten is. Een volledige darmafsluiting veroorzaakt ernstige obstipatie, terwijl een gedeeltelijke afsluiting diarree kan veroorzaken. Normaal treedt koorts op en waarschijnlijk vooral als de darmwand geperforeerd is. Perforatie kan snel ernstige ontsteking en infectie veroorzaken en tot shock leiden (see Introductie).

De arts zal de buikholte op drukpijn en op de aanwezigheid van zwellingen onderzoeken. Bij een darmafsluiting kunnen de normale geluiden van een werkende darm (peristaltiek of darmgeluiden) met een stethoscoop worden beluisterd. Ze kunnen veel harder en hoger dan normaal zijn (borborygmus) of ontbreken. Als bij de patiënt door een perforatie buikvliesontsteking (peritonitis) bestaat, voelt hij pijn als de buikwand licht wordt ingedrukt. Wanneer de druk wordt opgeheven, wordt de pijn vaak plotseling erger (loslaatpijn).

Röntgenonderzoek kan verwijde darmlissen aantonen die een aanwijzing geven voor de plaats van de afsluiting. Het röntgenonderzoek kan ook lucht rond de darm of onder het middenrif aan het licht brengen. Omdat normaal gesproken op deze plaatsen geen lucht wordt aangetroffen, wijst dit op een perforatie.

illustrative-material.figure-short 1

De oorzaken van strangulatie van de darm

De oorzaken van strangulatie van de darm

Strangulatie van de darm (afgesneden bloedtoevoer naar de darm) is doorgaans een gevolg van een van de drie hieronder weergegeven situaties.

Behandeling

Een patiënt met een vermoedelijke darmafsluiting wordt in het ziekenhuis opgenomen. Meestal wordt een lange dunne slang via de neus in de maag of darm gebracht. Het materiaal dat zich vóór de afsluiting heeft opgehoopt, wordt door afzuiging verwijderd. Via een intraveneus infuus worden vloeistof en elektrolyten (natrium, chloride en kalium) toegediend ter compensatie van het water en de zouten die door braken of diarree verloren zijn gegaan.

Soms verdwijnt een afsluiting zonder verdere behandeling, vooral als deze werd veroorzaakt door littekenvorming of banden van bindweefsel (adhesies). Ter behandeling van bepaalde aandoeningen, zoals een verdraaid darmsegment in het onderste deel van de dikke darm, kan in sommige gevallen worden gebruikgemaakt van een endoscoop (een flexibele kijkbuis) die via de anus wordt ingebracht, of van een klysma met bariumpap, dat de darm doet uitzetten. Meestal wordt echter zo spoedig mogelijk operatief ingegrepen. De oorzaak van de afsluiting bepaalt of de chirurg deze kan opheffen zonder een segment van de darmen te verwijderen. Soms kunnen vezelige banden worden losgemaakt, hoewel ze meestal weer terugkomen.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Buikabcessen

Next: Ileus

Figures
Tables
Disclaimer