THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Fecale incontinentie

Fecale incontinentie is het verlies van controle over de stoelgang.

Fecale incontinentie kan gedurende korte tijd optreden tijdens aanvallen van diarree of wanneer harde ontlasting in het rectum vast komt te zitten (fecale indikking). Bij mensen met letsel aan de anus of het ruggenmerg, rectumprolaps (via de anus uitzakken van het rectumslijmvlies), dementie, neurologische beschadiging als gevolg van diabetes mellitus, tumoren van de anus of beschadiging van het bekken die tijdens een bevalling is ontstaan, kan aanhoudende fecale incontinentie ontstaan.

De arts zal de patiënt onderzoeken op eventuele structurele of neurologische afwijkingen die aan fecale incontinentie ten grondslag kunnen liggen. Dit houdt onderzoek in van de anus en het rectum, controle van de gevoelswaarneming rond de anus en meestal ook sigmoïdoscopie. Daarnaast kan ander onderzoek noodzakelijk zijn, bijvoorbeeld van de zenuwfunctie en van de bekkenbodemspieren.

De eerste stap in de richting van herstel van fecale incontinentie is trachten een regelmatig defecatiepatroon met goed gevormde ontlasting te bereiken. Wijzigingen in het dieet, waaronder toevoeging van een kleine hoeveelheid vezels, werken vaak positief. Als dit niet voldoende is, kan een geneesmiddel dat de stoelgang vertraagt, bijvoorbeeld loperamide, uitkomst bieden.

Oefening van de anale kringspieren (sfincters) door te persen en te ontspannen, kan hun kracht en tonus verbeteren en daarmee de kans op terugkeer van fecale incontinentie verkleinen. Met behulp van biofeedback kan de patiënt de sfincters opnieuw trainen en de gevoeligheid van het rectum voor de aanwezigheid van feces vergroten. Ongeveer 70% van de goedgemotiveerde patiënten heeft baat bij biofeedback.

Als fecale incontinentie blijft bestaan, kan in een klein aantal gevallen operatief ingrijpen helpen, bijvoorbeeld wanneer de oorzaak een letsel van de anus betreft of wanneer de anus een anatomische afwijking vertoont. Als laatste redmiddel kan een colostomie worden uitgevoerd. Hierbij wordt operatief een opening vanaf de dikke darm door de buikwand aangelegd (see Tumoren van het spijsverteringsstelselFigures). De anus wordt vervolgens gesloten en de ontlasting verlaat het lichaam via de opening in de buikwand (stoma) en wordt opgevangen in een verwisselbare zak die is aangesloten op de stoma. Een colostoma hoeft niet altijd blijvend te zijn.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Prikkelbaredarmsyndroom

Next: Flatulentie

Figures
Tables
Disclaimer